zondag 4 september 2011

Riley

Ik wierp een laatste blik in de spiegel en zorgde dat de twee staarten die in mijn haar zaten over mijn schouders kwamen te liggen. De spugende lama op mijn T-shirt keek me uitdagend aan. Lama loves you! stond er naast. Ik grijnsde even. Toen draaide ik me om en pakte ik een schoudertas met sliertjes die ik ooit een keer zelf had gemaakt. Daar zaten mijn laptop en een paar boeken in, de enige dingen die ik nog had liggen in het appartement waar ik de laatste dagen van de zomervakantie had gelogeerd. Ik had gister alle spullen al naar de campus gebracht, zodat ik er vandaag niet zoveel last van zou hebben. 'Liz! Ik ben weg!' zei ik, terwijl ik mijn hand al op de deurkruk had liggen en die net naar beneden duwde. Ik hoorde haastige voetstappen op de trap en een paar seconden later werd er een deur open gesmeten. Een vrouw van middelbare leeftijd in een roze badjas en varkentjes sloffen keek me met priemende ogen aan. 'Riley Mitchell. Je was toch niet van plan om weg te gaan zonder gedag te zeggen hè?' zei ze met de dreigende blik die wel vaker in haar ogen lag. Ik keek haar even vertederd aan. Ik had de laatste dagen bij Elizabeth Fain mogen logeren zodat ik vandaag niet zo ver hoefde te reizen. Elizabeth was een oude vriendin van mijn moeder en toen ik vroeg of ik hier een paar dagen mocht logeren, had ze dat meteen goed gevonden. Ik hoefde nu maar een bus reis van een uurtje te maken en als ik bij mijn moeder was gebleven, had ik vanochtend om drie uur moeten op staan om hier een beetje op tijd te kunnen zijn. Toch was het nog steeds acht uur 's ochtends en ik had Elizabeth niet wakker willen maken. Ik had een briefje geschreven en dat op tafel gelegd, maar had toch nog even willen roepen. 'Natuurlijk niet Liz.' zei ik snel en ik liep naar haar toe om haar een knuffel te geven. 'Laat wel weer eens iets van je horen, hè? Ik vind het leuk om dingen te horen van de buitenwereld.' zei ze. Elizabeth woonde in een afgelegen huis op het platteland, waar ze samen met haar zeven katten leefde. Er kwam bijna nooit iemand op bezoek. 'Natuurlijk. Zal ik doen.' zei ik toen ik haar los liet en weer naar de deur liep. 'Dag!' zei ik en ik zwaaide nog even voordat ik de deur weer achter me dichtgooide. Zo. Tijd om naar de bus te lopen. Ik hees de tas over mijn schouder en begon in een rap tempo langs de weg te lopen. De eerste bushalte was zo'n twee kilometer verderop. Terwijl ik liep dacht ik na over mijn zomervakantie. Hoe mijn moeder zich voornamelijk in haar kamer had opgesloten en ik ontbijt voor haar had gemaakt. Het was best wel gezellig geweest. Ik glimlachte. Voor ik het wist zag ik de bushalte al en een paar minuten later zat ik in de bus. Zo. Op weg naar school. Ik trok mijn benen op en ging zo gemakkelijk mogelijk zitten. Ik keek naar buiten waar het september zonnetje al twijfelachtig scheen. Het beloofde een mooie dag te worden. 'Ghihi. Een berichtje.' zei opeens een hoge piepstem en ik haalde mijn simpele Nokia tevoorschijn. Ik klapte hem open en opende het smsje. Succes, zusje, was het enige dat er stond, maar ik werd er ontzettend blij en vrolijk van. Ik werd altijd blij van smsjes van Colin. We spraken elkaar niet zo veel meer, omdat het gewoon duur was om te bellen met iemand die in Australië woonde, maar als ik dan contact met hem had was het gewoon heel bijzonder. Ik smste even niets terug omdat mijn beltegoed bijna op was en ik stopte het mobieltje weer terug in mijn zak. Ik leunde met mijn achterhoofd tegen het koude glas van de bus en verbazingwekkend snel zag ik door het raam tegenover me de grote gebouwen van de universiteit opdoemen. Ik drukte op het stopknopje en stapte uit, precies voor de school. Zo. Het jaar kon beginnen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten