zondag 29 januari 2012
Brandon
Ondanks dat ik naar Samantha staarde gingen er van allerlei gedachten rond in mijn hoofd. Ik had uiteindelijk niet eens door dat hoe heette hij ook alweer.. Hunter? weg was gegaan. 'Wat staar je me aan?' Ik schrok op uit mijn gedachten toen Samantha haar grijze ogen vlak voor de mijne verschenen. 'Hé?' 'Ik zei-' 'Ja ik weet wat je zei.' kapte ik haar af, ik was gewoon wat overrompeld door wat ze zei. Ze glimlachte naar me wat me toch nog verbaasde. Alhoewel. Ik wist dat ze boos op me was of nou ja ze probeerde het maar ze kon nooit lang boos op me blijven. Dat had ze altijd al geprobeerd. "Ik praat niet meer tegen je!" Ik kon het haar nog horen zeggen terwijl ze minstens een kwartier later aan me vroeg of ik een spel met haar wilde doen of haar wilde helpen met Engels of wat dan nog wel niet. Ik grinnikte even. 'Wat lach je nou?' Ze klonk alweer licht geprikkeld, en ik wist dat ze dat deed omdat ze zelf door had dat ze weer tegen me praatte. 'Nou?' 'Ik lachte omdat ik aan ons vroeger dacht en ik dacht daarvoor aan Basketbal.' Ze ging recht op staan en ik keek even naar Jeremy en Arlyn. Arlyn leek ons wat onopvallend af te luisteren, maar hoe kon je ons gesprek missen. 'Wat is er mee?' Ik keek maar weer naar Samanta. 'Ze hadden me benoemd als aanvoerder, deze zomer maar met deze straf, ben ik vast geen aanvoerder meer.' Samanta fronste haar voorhoofd precies op de manier als ik ook altijd deed, wat opzich niet gek was. Ik keek naar Arlyn en ontmoette haar ogen. 'Misschien moet je steun van de anderen vragen en naar Collins gaan.' Collins, die man mocht me echt niet. Daarbij hij had Samantha vast gehouden zo hard dat ik me af vroeg of ze nu een blauwe plek kreeg. 'Hij kan je niet weigeren als je team je nog als aanvoerder wil.' Maar natuurlijk Arlyn had gelijk! 'Bedankt Arlyn, ik ga het meteen regelen!' Ik sprong al op klaar om te gaan. 'En je koffie dan?' 'Riley en Liam zijn toch nog niet terug, dus voor zij terug ben ik ook wel terug.' 'Je bent wel zeker van jezelf he!' 'Altijd hoe denk je dat ik het anders red als aanvoerder.' En ik moest gewoon gaan. Ik moest Kyle en Alec vinden en alle anderen om hun te laten helpen. Ik moest opschieten! Ik had een idee waar de meesten konden zitten, het waren geen personen om in hun kamer te hangen maar meer met zijn alleen of in de gymzaal te zijn of in de kantine. Dus ik maakte mijn weg die kant op. Rennen. Zo hard als ik kon. 'Kyle! Alec!' Ik zag ze zitten, kantine was toch de beste optie geweest want ik zag de anderen zo ook staan. 'Ik heb jullie hulp nodig.' Ik vertelde ze het plan dat ik dankzij Arlyn had bedacht. Natuurlijk wilde ze helpen en ik zocht de anderen om vervolgens met toch weinig moed in mijn schoenen door te gaan naar Collins. Ik hoorde hem al: Je hebt wel lef he, of iets in die trant. Ja ik had lef. Basketbal was mijn leven hier op school en ik wilde aanvoerder blijven.
dinsdag 24 januari 2012
Hunter
Het werd doodstil nadat Riley en Liam waren vertrokken. Arlynn zag een beetje bleek. Ze deed een poging haar knieën op te trekken, maar haar gezicht vertrok pijnlijk en ze gaf het op. Samantha stond nog te kijken naar de verzameling bekertjes van Riley. Brandon keek naar zijn zus, ik nam aan dat ze familie waren, ik kon me niet herinneren of er iets over was gezegd, maar ze hadden wel wat weg van elkaar. Het was niet veel, maar ik kon het zien. Ik zuchtte even. "Ik zal eens kijken waar mevrouw met de lange achternaam naartoe is gegaan." zei ik en ik sprong uit mijn bed. Als een volleerd turner landde ik recht op mijn voeten en viel ik niet uit balans. Goed geoefend. Mijn tweelingzus Allison en ik hadden vroeger ook een stapelbed gehad. We stapelde altijd allemaal kussens en dekens op elkaar en vervolgens namen we een duik vanaf het bovenste bed. Een keer was Allison heel verkeerd terecht gekomen en had ze haar pols gebroken. Ze had gekrijst als een klein roze speenvarken. "Je gaat haar toch niet echt achterna he? Ze leek erg boos." zei Brandon. Ik haalde mijn schouders op. "Ik ben een man van love and peace" en ik stak twee vingers als een peace teken op. "Tot zo!" Ik slofte het hutje uit. Waar zou ze naartoe zijn gegaan? Ik dwaalde wat in de rondte. Na een tijdje zag ik Ashleigh op een steen zitten. Ze had haar rug naar mij gekeerd. "Boe" zei ik droog. Ik zag haar schouders schokken van de schrik. Ik stak mijn handen in de zakken van mijn vaalbruine colbert jasje (niet zo'n strak en net ding, deze was overduidelijk al heel wat keren gedragen) en ging op de grond naast haar zitten. Ik zei niets. Na een tijdje verbrak ik de stilte. "Riley en Liam zijn koffie halen. Kom je terug naar binnen, met een beetje geluk halen ze ook iets voor jou." zei ik rustig. "Ik peins er niet over om terug te gaan." Antwoordde Ashleigh snibbig. "Als je je nu even over dit hele gedoe heen zet, kunnen we het heel leuk maken met zijn alle." zei ik. Ashleigh was stil. Ik ging overeind staan en stak mijn hand uit. "Kom je mee?" Ik zette een charmante glimlach op. Over het algemeen was ik redelijk goed in het meekrijgen van mensen. Als ik zo naar Ashleigh keek, leek het me deze keer ook weer te lukken. Ashleigh keek even twijfelend van mijn hand naar mijn hoofd en weer naar mijn hand. Uiteindelijk stond ze op en nam ze mijn hand niet aan. Ik haalde nonchalant mijn schouders op. In stilte liepen we terug naar het hutje.
maandag 23 januari 2012
Riley
"Zeg Jer. Geef me die tas eens aan." Ik leunde over de rand van het oude, misschien op sommige punten verrottende stapelbed en wees naar een plastic tas, onderaan het trappetje dat er eigenlijk niet zo stevig uit zag. Eigenlijk vond ik dit best een leuke hut. Het zag eruit als het hutje op kamp Firewood, waar ik vijf zomers had doorgebracht. Het rook zelfs hetzelfde. De geur van schimmel in een badkamer die zonder twijfel veel te weinig werd schoongemaakt en de duffe geur van een vochtige kamer vol met oude boeken. En die geur van iets dat al zolang onder een bed lag dat de herkomst en wat het eigenlijk was niet meer te bepalen waren. Jeremy schrok op uit zijn boek en keek me even een beetje angstig aan. "Maak je maar geen zorgen. Mijn Chinchilla's zitten in die sporttas daar. Deze tas bijt niet." Grapte ik. Jeremy's blik werd er niet geruster op. "Ik heb niet echt Chinchilla's bij me hoor." zei ik toen nog maar zachtjes. Hij kwam nu in beweging en gaf de tas door naar boven. "Dankjewel." zei ik vrolijk toen ik de tas aanpakte. Ik inspecteerde de plank die naast mijn bed was getimmerd. Het was alles behalve stevig, maar het zou moeten kunnen. Ik begon de tas uit te laden en de plank vol te zetten. "Zijn dat Starbucks bekertjes?" zei Hunter, vanaf de andere kant van de kamer. Ik draaide me grijnzend om. "Yup." "Wow. Dat zijn er veel." zei Samantha. Ze was opgestaan en bekeek de bekertjes. "Je bent echt vaak naar de Starbucks geweest in je leven." Ik trok mijn wenkbrauwen op. Ik had net het laatste bekertje op de plank gezet. De kersteditie waar ik Caramel Macchiato uit had gedronken. "Dit? Dit zijn alleen de bekertjes van vorig jaar. Ik heb thuis een hele kast vol." Ik begon naar het trappetje te kruipen en klom naar beneden. "Nu we het toch over Starbucks hebben. Ik vind dat het tijd wordt om de eerste van het jaar te gaan drinken. Moet ik iets meenemen?" Ik keek de hut door. "Ja. Lekker." zei Hunter. "Oké. Wat wil je?" Ik grabbelde in mijn dichtstbijzijnde tas naar pen en papier. "Ehm.. Koffie?" Zei Hunter. Ik keek hem teleurgesteld aan en schudde mijn hoofd. "Nee, nee, nee. Je gaat geen gewone koffie drinken bij de Starbucks. Nope." Ik keek hem even schattend aan. "Wat jij nodig hebt is.. Cinnamon Dolce Latte." Hunter haalde een wenkbrauw op. "Oké. Als jij het zegt. Doe dat maar dan." "Wat voor koffie past dan bij mij?" zei Liam nieuwsgierig. "Iced Peppermint White Chocolate Mocha. Zonder twijfel." zei ik meteen. Liam knikte een paar keer. "Oké. Klinkt goed." zei hij goedkeurend. "Arlynn? Jij ook iets?" Ik was bezig dingen op mijn blaadje te krabbelen. "Ehm.. Zeg maar iets." zei ze. "White Hot Chocolate. Die is echt heerlijk." zei ik. "En voor Samantha.. Caramel Macchiato. En Brandon een Espresso Macchiato. Jup. Dat is het." Iedereen leek wel tevreden. Mijn blik schoot opeens naar Jeremy die weer verdiept was in zijn boek met tekentjes die ik nog steeds niet kon lezen. "Jer? Caffè Americano?" zei ik vragend. Jeremy maakte een geluidje, maar ik wist zeker dat hij me niet had gehoord. Ik haalde mijn schouders op en krabbelde nog een Caffè Americano op het blaadje. "Mooi. Dan ben ik zo terug." Ik liep al richting de deur. "Hé. Wacht. Je gaat dat nooit alleen kunnen dragen." zei Liam, die ondertussen van zijn bed was geklommen. Daar had hij wel een punt. "Goed. Dan zijn we zo terug."
zondag 15 januari 2012
Hm beetje jammer
Vind het jammer dat als ik beschrijf dat Riley niet boven zou willen slapen dat je haar nu boven plaatst en als ik zeg maar die hele beschrijving doe van wie waar slaapt je alles precies anders doet.
Wilde het gewoon even zeggen
Wilde het gewoon even zeggen
zondag 8 januari 2012
Side note: Beddenindeling
Liam
Na een hoop gezeur en geruzie had eindelijk iedereen een bed. Riley, Hunter en ik hadden ons erbij neer gelegd en aangeboden boven te slapen, aangezien wij het grootste aandeel in de stunt hadden gehad. Ashleigh had, door Brandon dood te gooien met de betekenis van het woord 'galant', waar hij zelf blijkbaar nogal dol op was, ook hem zover gekregen om boven te slapen. Nu lag ik op een versleten matras en staarde naar het lage plafond van het hutje. Het zat vol met spinnewebben en ineens begreep ik waarom de meiden zo per se beneden wilden slapen. En Jeremy, die zag ik er ook wel voor aan om bang voor spinnen te zijn. "Eigenlijk best leuk, zo'n bovenbed." zei Riley optimistisch. Ze zat rechtop op haar bed en haar benen bungelden over de rand. "Behalve als je eraf valt..." mompelde Hunter met een brede grijns. Ik keek naar beneden en zag een enorme, vormeloze tas die duidelijk vol kleding zat. "Dan heb ik ten minste een zachte landing." Riley had duidelijk minder geluk. Zij sliep boven Jeremy, en die leek voornamelijk boeken bij zich te hebben. "Ik moet maar gewoon niet vallen..." zei ze met een pijnlijke blik. "Wil je ruilen?" bood Hunter aan. "Ik ben niet zo breekbaar." Riley grijnsde. "Nee hoor, maar lief dat je het aanbiedt." Een opgeluchte glimlach kroop over mijn lippen. De sfeer ging er al met sprongen op vooruit nu het beddendrama achter de rug was. Al hadden Ashleigh en Arlynn sinds het opeisen van hun bed niet veel meer gezegd, en ook Jeremy was stil geweest. Ik voelde me een beetje schuldig dat we hun erbij betrokken hadden. Voorzichtig liet ik mijn bovenlichaam over de rand van het bed zakken zodat ik het bed onder me kon zien. Arlynn greep met een gesmoord gilletje naar haar borstkas. "Jemig, ik schrok me lam." Ik grinnikte verontschuldigend. "Sorry. En sorry dat ik jullie meegesleept heb in deze bende. Als ik had geweten dat het zo uit de hand zou lopen, had ik we beter nagedacht." Arlynn keek me even schattend aan en wuifde toen mijn verontschuldiging weg. "Ach, dat had je ook niet kunnen weten. En het was niet jouw schuld dat die stomme Robert dacht dat ik erbij betrokken was." Ik glimlachte naar Arlynn en wendde me toen tot Jeremy en Samantha. Jeremy keek op van zijn boek en haalde zijn schouders op. Hij was een jongen van weinig woorden, dat was duidelijk. Ook Samantha leek niet kwaad meer. "Het is zoals het is, we kunnen er nu weinig meer aan veranderen." zei ze filosofisch. Ashleigh stond op van haar bed en kwam voor me staan. "Nou, ik ben dus niet zo vergevingsgezind." zei ze kattig. "Mijn ouders betalen voor de het meest luxe kamercomplex op deze campus en dankzij jou en dat... slonzige volk," -ze gebaarde naar Riley en Hunter- "zit ik nu in dit... blokhutje." Ik grijnsde naar Ashleigh en schudde mijn hoofd. "Nee, ik verontschuldigde me ook niet tegen jou. Alleen tegen Jeremy, Arlynn en Samantha." Ashleigh's mond viel open van verontwaardiging. "Jij- Hoe durf je!? Heb je enig idee wie je tegenover je hebt?" Ik knikte en kwam een stukje overeind. "Ashleigh Meredith Templeton-Hales." zei ik in een nog bekaktere imitatie van de hooghartige toon waarop Ashleigh zich had voorgesteld. Ashleigh's gezicht werd knalrood en haar ogen leken uit haar hoofd te springen als ze zich nog kwader maakte. "Wacht maar tot mijn ouders hiervan horen!" siste ze in met een enorme inzet om haar stem onder controle te houden. "Jij gaat hier zoveel spijt van krijgen, mannetje." "Oh dat heb ik al hoor." zei ik kalm. "Het was nooit mijn bedoeling om Jameson echt iets aan te doen." "Ik bedoel," zei Ashleigh met opeengeklemde kaken. "van het feit dat je mij erbij betrokken hebt." Ik leunde iets naar voren en keek haar aan met gespeeld medelijden. "Oh, dat valt wel mee. Ik weet zeker dat je best aardig bent, als je eenmaal door dat verwaande gedrag van je heen hebt geprikt." Ashleigh balde haar perfect gemanicuurde handen tot vuisten en haalde diep en schokkerig adem. "Ik ga een luchtje scheppen." zei ze hooghartig. "Ik blijf hier geen minuut langer." Na haar opmerking kracht bij te zetten met een vuile blik in mijn richting liep ze naar de deur en trok hem met een dramatisch gebaar open. Zonder de binnenkant van het hutje nog een blik waardig te keuren beende naar buiten en sloeg de deur met een harde klap dicht. Het hele huisje trilde ervan. "Moest dat nou?" vroeg Samantha vermoeid. "Nee." zei ik, en ik liet me weer achterover op mijn bed vallen. "Maar het voelde wel goed."
vrijdag 30 december 2011
Brandon
Verdomme Samantha ook. Als ze daar niet had gestaan en niks had gedaan. Maar ze probeerde ons alleen maar tegen te houden ik had het haar niet moeten vertellen. Mijn schuld dus. En daarbij stond het niet in de planning dat de directeur van het podium viel. 'Ga jullie spullen halen.' Ik sjokte het kantoortje uit en ging mijn spullen maar halen daar waar ze stonden te wachten op goh mij. Samantha snikte zachtjes terwijl ze naast me liep. Ik betwijfelde of het van het geschreeuw van net was. Misschien van de shock of wel van de straf. 'Sorry.' Ik keek naar haar maar ze scheen expres van me weg te kijken. Misschien hoorde ze me niet. 'Sam het spijt me.' Ze wierp me een boze blik toe en begon sneller te lopen en ging naast die tut lopen die de boel net helemaal bij elkaar had geprotesteerd. Ze keek me aan over haar schouder. 'Bedankt.' zei ze snibbig. 'Oh nee nou wordt ie mooi nou is het mijn schuld?' riep ik naar haar. 'Ja als jij je grote mond tegen me had gehouden. Je had moeten weten dat ik daar nooit mee zou instemmen. Moet je kijken wat je nou hebt gedaan.' 'als jij niet zo nodig de boel wilde tegen houden had je hier niet gelopen!' Ze stak haar tong naar me uit. Toen we bij dat huisje waren dat ver achteraan op het terrein stond rook het er muffig en wat wel niet nog meer. Was dat schimmel? Nee vast niet ik was aan het overdrijven, in ieder geval het zag er niet uit. Ashleigh pakte het eerste het beste bed dat er nog wat goed uit zag en ging op het onderste bed zitten. Als een mak schaapje liep Samantha achter haar aan om die erboven te claimen. 'Oh en wij dan?' vroeg ik haar pissig. 'Jullie kiezen die vieze maar.' sprak Ashleigh met haar rug naar ons toe alsof het haar niks kon schelen. Samantha knikte. 'Jullie zijn toch schuldig, mag je wel wat extra gestraft worden.' 'Ik niet!' riep weer dat andere meisje dat net ook liep te protesteren. 'Dan had je maar eerder naar voren moeten lopen.' weer Ashleigh. En ik had nog aardig tegen Samantha gedaan trouwens. En ik was het niet die Ashleigh erbij had getrokken. Geweldig. Opeens schoten de anderen naar voren opzoek naar nog een bed dat er beter uit zag. Kon ik beter ook maar snel gaan doen. Weer ruzie. Gezeur. Het bed dat over bleef moest wel slecht zijn maar ik had er dan ook helemaal geen zin in om wat anders te zoeken en bleef daar maar bij staan. 'Ik slaap echt niet boven.' hoorde ik Riley. 'Nou ik ook niet.' Jeremy. 'Okay kappen nou! Jeremy slaap hier maar onder, ik slaap wel boven.' zei ik. 'En als jullie zo galant kunnen zijn door boven te slapen en Riley en euh..' 'Arlynn.' 'Arlynn ja onder te laten slapen zijn we daar ook van af.' Jemig gezeur. Ze keken me verbaast aan omdat ik vast nu opeens tegen ze in ging. 'Nou zo moeilijk is het toch niet? Galant? Moet ik het spellen.' 'Kun je niet.' Samantha..aardig hoor. Ik keek haar kant op maar weer keek ze van me weg. Ja ik had de boodschap begrepen. Mijn schuld. 'Ach laat maar. Vecht het maar uit.' Opeens bleef ik als bevroren stil staan. Oh nee. Nee nee nee! Mijn aanvoerdersschap! Verloren! Verprutst! Hoe kon ik naar de try-outs gaan. Ik moest iets doen. Nog iets regelen. Nu of nooit? Wat moest ik doen? Ik moest en zou aanvoerder blijven van het basketbal team!
Abonneren op:
Reacties (Atom)
